Badminton

  • AFDRUKKEN
  • VERSTUREN
Het ontstaan van Badminton

Badminton is een sport met een lange geschiedenis. Het lijkt misschien een moderne sport, maar hij is eigenlijk ontstaan uit oude spelletjes in Azië. Al in oudere tijden speelden ze in  India met een veertje en een racket, waarbij ze het veertje over een net heen en weer sloegen. Dit spel, dat later bekendstond als “Poona”, lijkt op het moderne badminton, maar de regels waren toen nog anders. In de 19e eeuw brachten Britse soldaten dit spel mee naar Engeland. Daar werd het zo populair dat het in een groot huis in Gloucestershire, dat Badminton heette, werd gespeeld en verder ontwikkeld. Zo kreeg de sport zijn naam. Rond het midden van de 19e eeuw werden de eerste officiële regels opgesteld en daarna verspreidde badminton zich snel naar andere landen in Europa en Azië. In 1934 werd de internationale organisatie voor badminton opgericht, de International Badminton Federation, die tegenwoordig bekendstaat als de Badminton World Federation.

De kleding en het speelveld van Badminton

Als je badminton speelt, is het belangrijk dat je kleding lekker zit en dat je schoenen goede grip hebben. Je draagt een licht sportshirt, meestal met korte mouwen en shorts of een rokje dat je goed kunt bewegen. Badmintonschoenen zijn speciaal gemaakt zodat je snel van links naar rechts kunt bewegen zonder uit te glijden. Het is ook belangrijk om nooit met buitenschoenen op de badmintonbaan te lopen, want dat kan de vloer beschadigen en kan dan gevaarlijk zijn. De baan zelf is rechthoekig en in het midden staat een net. Voor enkelspel is de baan 5,18 meter breed, voor dubbelspel 6,10 meter en de lengte is altijd 13,40 meter. Het net is ongeveer 1,55 meter hoog aan de zijkanten en iets lager in het midden. Op de grond zijn lijnen aangebracht die laten zien waar je moet serveren en waar de shuttle moet landen.

Het doel van de sport

Het doel van badminton is simpel: je probeert meer punten te scoren dan je tegenstander. Dat doe je door de shuttle over het net te slaan en te zorgen dat je tegenstander hem niet correct kan terugspelen. Een punt krijg je als de shuttle op de grond van je tegenstander valt, als hij hem buiten de lijnen slaat of als hij hem niet over het net krijgt. Een wedstrijd gaat meestal tot 21 punten per game en je moet minstens twee punten verschil hebben om te winnen. Vaak speel je een wedstrijd in drie games, waarbij degene die twee games wint de wedstrijd wint. Je kunt alleen spelen tegen één tegenstander, dat heet enkelspel of samen met een teamgenoot tegen twee andere spelers, dat is dubbelspel.

Er zijn verschillende manieren om de shuttle te slaan. Soms sla je hem hoog en ver, soms net over het net, soms hard naar beneden of juist laag en snel. Bij badminton is het niet alleen belangrijk om goed te slaan, maar ook om slim te bewegen en je tegenstander uit positie te brengen. Zo wordt het spel spannend en afwisselend en leren spelers snelheid, precisie en strategie.