Sluiten


Sluiten
   

Waar gaan Silver en Joyce surfen?

Sluiten

In de week van 6 juni 2016 worden de winnaars bekend gemaakt. Heb je gewonnen? Dan ontvang je automatisch bericht.

Tot die tijd mag je zo vaak meedoen als je wilt.

Let op: het tijdsverschil tussen je inzendingen moet minimaal 2 uur bedragen om ze afzonderlijk te laten meedingen.

Surfie


HOME WETEN KENNEN GESCHIEDENIS
SpelenWeten
SpelenWeten
Volgende
De geschiedenis van de schaats
De geschiedenis van de schaats in Nederland
 

Inleiding:

Volgens archeologisch onderzoek werden 'schaatsen' rond het begin van onze jaartelling (het jaar 0) voor het eerst gebruikt. Schaatsen konden het niet echt genoemd worden aangezien ze gemaakt waren van botten van runderen en paarden. In de botten werden gaatjes gemaakt die met touwtjes of riempjes aan de voeten vast werden gemaakt. Aangezien botten niet heel makkelijk glijden maakten de mensen ook prikstokken om zichzelf vooruit te kunnen duwen. Dit 'botschaatsen' kwam voor in het grootste deel van Europa waar 's winters ijs lag. In Nederland werd deze manier van schaatsen vooral gebruikt tussen 800 en 1200.

Klassieke houten schaats:

Voordat men in Nederland en België het woord schaats ging gebruiken werd het als voorwerp al eeuwen gebruikt. Het schaatsen komt oorspronkelijk uit de lage landen Holland en Vlaanderen. In deze omgeving ontwikkelde de schaats zich van een eenvoudig bot tot een constructie met een ijzeren mes waarop men zich snel kon voortbewegen. De oudste schaatsen zijn gevonden in Amsterdam en Dordrecht. Deze komen waarschijnlijk uit het jaar 1225. In andere delen van Nederland zoals Friesland bleef men nog jaren op de "botten" schaatsen. Waarschijnlijk noemde men de schaatsen toen 'ijzers' of een variant hiervan, maar dit weet men niet zeker.

Ongeveer 200 jaar later (rond 1400) werd de houten schaats algemeen toegepast. Deze schaats bestond voornamelijk uit een schenkel (glij-ijzer) in een stapel (stuk hout) dat een montuur (leerwerk) had om de schaats goed vast te kunnen maken.

19e eeuw:

In de 19e eeuw waren er 3 verschillende soorten schaatsen ontstaan, namelijk:

- De Hollandse krulschaats

- De Zuid-Hollandse baanschaats

- De Friese schaats

De eerste 2 (de Hollandse krulschaats en de Zuid-Hollandse baanschaats) werden gebruikt om te zwieren (kunstschaatsen) terwijl de Friese schaats werd gebruikt om zo snel mogelijk te kunnen schaatsen. Doordat de Friese schaats een scherpe punt had ontstonden er veel gevaarlijke situaties. Hier haddden ze een oplossing voor gevonden, namelijk de krul! Aan de voorkant van de schaats werd een krul gemaakt zodat er geen scherpe punt meer was. Hierdoor werd de schaats steeds langer wat zorgde voor meer stabiliteit. Door deze verandering werd de schaats erg populair.

 

De friese doorlopers:

 

Gewone Friese baanschaats:

West-Friese schaats:

Hollandse Krulschaats:

Hollandse baanschaats:

Vertel het door
Contact Advertenties Ouders/Scholen Voorwaarden Cookies Disclaimer